Europa heeft als eerste ter wereld een wet gemaakt over kunstmatige intelligentie. Voor de meeste Belgische bedrijven roept dat vooral vragen op: geldt dit voor ons, wat moeten we doen, en vanaf wanneer?

Dit artikel geeft het overzicht. Wat de AI Act is, welk deel u aanbelangt, en waarom één bepaling — AI-geletterdheid — voor bijna elke werkgever geldt terwijl de rest dat niet doet.

Wat is de AI Act?

De AI Act (Verordening (EU) 2024/1689) is sinds 1 augustus 2024 van kracht. Ze regelt hoe AI-systemen in Europa ontwikkeld en gebruikt mogen worden, en werkt met risicoklassen: hoe groter het risico voor mensen, hoe strenger de regels.

RisicoklasseVoorbeeldenWat geldt
Onaanvaardbaarsociale scoring door overheden, manipulatie van kwetsbare groepen, emotieherkenning op de werkvloerverboden
Hoog risicoAI die beslist over aanwerving, kredieten, examens of medische diagnoseszware eisen: documentatie, menselijk toezicht, risicobeheer
Beperkt risicochatbots, AI-gegenereerde beelden of tekstentransparantie: men moet weten dat het AI is
Minimaal risicospamfilters, aanbevelingen, de meeste kantoortoepassingengeen bijzondere verplichtingen

De geruststelling: gebruikt u AI enkel als hulpmiddel op kantoor — teksten opstellen, samenvatten, vertalen — dan valt u in de onderste twee categorieën. Het grootste deel van de verordening gaat niet over u.

De nuance: één bepaling geldt wél voor iedereen die AI gebruikt, ongeacht de risicoklasse. Dat is artikel 4.

Artikel 4: AI-geletterdheid

Artikel 4 geldt sinds 2 februari 2025 en zegt, in gewone taal: wie AI-systemen aanbiedt of gebruikt, moet ervoor zorgen dat zijn medewerkers er voldoende van begrijpen om er verantwoord mee om te gaan.

Daarbij moet rekening gehouden worden met vier zaken: de technische kennis van uw mensen, hun ervaring, hun opleiding, en de context waarin ze de systemen gebruiken — inclusief wie er de gevolgen van draagt.

Belangrijk: dit geldt ook wanneer u de AI niet zelf hebt aangekocht. Gebruikt uw medewerker ChatGPT, Copilot of een vertaaltool om zijn werk te doen, dan valt dat eronder. Ook als het gratis is en ook als u het niet wist.

Wat er in juli 2026 veranderde

De oorspronkelijke tekst verplichtte werkgevers te zorgen voor een toereikend niveau van AI-geletterdheid. Sinds Verordening (EU) 2026/1744 — de zogenaamde AI Omnibus, in werking op 27 juli 2026 — luidt het anders: u moet maatregelen nemen die de ontwikkeling van AI-geletterdheid ondersteunen. Met de uitdrukkelijke toevoeging dat dit niet inhoudt dat een bepaald niveau bij individuele personen gewaarborgd moet worden.

In één zin: het is een inspanningsverplichting geworden in plaats van een resultaatsverplichting. U bent niet meer aansprakelijk als één medewerker het niet kent; u moet wel kunnen tonen dat u het georganiseerd hebt.

Wat niet veranderde: de verplichting blijft bij het bedrijf. De Commissie en de lidstaten krijgen een ondersteunende rol met richtsnoeren en voorbeelden, maar zij nemen niets over.

Wanneer geldt wat?

DatumWat
1 augustus 2024AI Act van kracht
2 februari 2025verboden praktijken en artikel 4 (AI-geletterdheid) gelden
27 juli 2026Omnibus in werking: artikel 4 versoepeld tot inspanningsverplichting
2 augustus 2026handhaving start: lidstaten kunnen optreden
2 december 2027eerste reeks verplichtingen voor hoog-risico systemen
2 augustus 2028tweede reeks verplichtingen voor hoog-risico systemen

Waarom AI-geletterdheid écht telt

Tot hier ging het over de wet. Maar de reden om hier werk van te maken is groter dan een verplichting, en dat merkt u zodra u met uw eigen mensen praat.

Wat er misgaat zonder kennis

Gegevens die weglekken. Een medewerker plakt een klantenlijst in een chatbot om er een samenvatting van te maken. Bij gratis versies van veel AI-tools wordt die invoer gebruikt om het model verder te trainen. De gegevens zijn weg, en onder de GDPR bent u daar verantwoordelijk voor.

Informatie die verzonnen is. Taalmodellen produceren vloeiende tekst, ook wanneer ze het antwoord niet hebben. Ze verzinnen dan cijfers, bronnen of wetsartikelen die er overtuigend uitzien. Wie dat niet weet, controleert niet.

Ongelijke behandeling. Software die cv's screent of klanten sorteert, neemt patronen over uit de data waarmee ze getraind is. Zit daar een historische scheeftrekking in, dan reproduceert het systeem die — zonder dat iemand dat zo bedoelde.

Werk dat niemand nakijkt. Een offerte, een contractclausule of een advies dat door AI is opgesteld en ongelezen doorgestuurd wordt. De verantwoordelijkheid blijft bij uw bedrijf, niet bij de tool.

En het menselijke stuk

Er is nog iets dat zelden hardop gezegd wordt op de werkvloer, en dat vaak zwaarder weegt dan de risico's hierboven.

  • Het tempo. Elke maand een nieuwe tool of functie. Wie vorig jaar bijbleef, loopt vandaag weer achter. Dat vermoeit mensen.
  • De schaamte. Niemand geeft graag toe dat hij het niet snapt. Dus vraagt men niets, en probeert men het stiekem uit — zonder afspraken.
  • De onzekerheid. "Neemt dit mijn job over?" Die vraag leeft op elke werkvloer, ook als ze nooit gesteld wordt. Onbeantwoord voedt ze weerstand.
  • De kloof. Enkelen lopen vooruit, de rest haakt af. Zo ontstaan twee snelheden binnen hetzelfde team.

Een medewerker die zich onzeker voelt, gebruikt AI niet minder — hij gebruikt het onvoorzichtiger.

Daarom is opleiding geen extra kost naast de compliance. Het is de manier waarop u tegelijk uw risico verkleint en uw mensen weer meekrijgt.

Wat AI-geletterdheid concreet inhoudt

Het gaat niet over programmeren of modellen bouwen. Een medewerker is AI-geletterd wanneer hij:

  • herkent wanneer een toepassing AI gebruikt — ook wanneer dat niet zo genoemd wordt;
  • weet welke gegevens er wel en niet in mogen;
  • begrijpt dat de uitkomst fout kan zijn, en hoe hij dat controleert;
  • weet wat de afspraken binnen zijn organisatie zijn;
  • kan inschatten wanneer hij iets beter niet aan AI overlaat.

Het niveau verschilt per rol. Een IT'er moet begrijpen hoe promptinjectie werkt; een HR-medewerker moet weten wanneer een screeningtool discrimineert; een zaakvoerder moet weten waarvoor hij aansprakelijk blijft. Dezelfde wet, andere praktijk. De verordening vraagt die afstemming trouwens uitdrukkelijk.

Waar begint u?

1. Breng in kaart wat er gebruikt wordt. Vraag het gewoon aan uw team, zonder er een audit van te maken. De meeste zaakvoerders zijn verrast door het antwoord.

2. Maak afspraken op papier. Welke gegevens mogen er niet in, wie controleert de uitkomst, wat doet u bij twijfel. Twee bladzijden volstaat voor een kmo.

3. Leid uw mensen op, en houd het bij. Niet één sessie die binnen drie maanden vergeten is. En registreer wie wat volgde: wat u niet kunt aantonen, telt niet.

Die derde stap is waar het meestal stilvalt. Een externe opleidingsdag kost snel meer dan tweeduizend euro, iedereen moet tegelijk van de werkvloer, en achteraf blijft er geen dossier over.

Wat u niet hoeft te doen

  • Geen certificaat kopen. Er bestaat geen officieel AI Act-certificaat en geen erkenning. Wie u dat verkoopt, verkoopt lucht.
  • Geen examen afnemen. De wet schrijft geen toets of slaagdrempel voor, en sinds juli 2026 mag een toezichthouder ook geen niveau per medewerker eisen.
  • Geen vast aantal uren halen. Er staat nergens hoeveel opleiding genoeg is. Wat telt is dat het past bij de rol en dat het doorloopt.

Complemy maakt van artikel 4 iets uitvoerbaars: vijftien minuten per week, in het Nederlands, met een traject per rol en een rapport dat u bij een controle voorlegt. Bekijk het volledige programma op complemy.be.

Complemy biedt geen juridisch advies. Voor uw concrete situatie — zeker wanneer u zelf AI ontwikkelt of in een gereglementeerde sector werkt — raadpleegt u best een jurist.